songtekst: Stay with me till morning

Altijd in onze harten.













Overdenking tijdens de crematieplechtigheid voor zuster Hubertha van Rijswijk-Donker

13 juni 2006


Als Christus echter in u leeft, bent u door de zonde weliswaar sterfelijk, maar de Geest schenkt u leven, omdat u door God als rechtvaardigen bent aangenomen. Want als de Geest van hem die Jezus uit de dood heeft opgewekt in u woont, zal hij die Christus heeft opgewekt ook u die sterfelijk bent, levend maken door zijn Geest, die in u leeft. Broeders en zusters, we hoeven ons niet langer te laten leiden door onze eigen wil. Als u dat wel doet, zult u zeker sterven. Als u echter uw zondige wil doodt door de Geest, zult u leven. Allen die door de Geest van God worden geleid, zijn kinderen van God. U hebt de Geest niet ontvangen om opnieuw als slaven in angst te leven, u hebt de Geest ontvangen om Gods kinderen te zijn, en om hem te kunnen aanroepen met ‘Abba, Vader’. De Geest zelf verzekert onze geest dat wij Gods kinderen zijn. En nu we zijn kinderen zijn, zijn we ook zijn erfgenamen, erfgenamen van God. Samen met Christus zijn wij erfgenamen: wij moeten delen in zijn lijden om met hem te kunnen delen in Gods luister.


(Romeinen 8: 10-17)


Mijnheer van Rijswijk en allen die zo nauw met u verbonden zijn,

Op de rouwkaart staat een duif. Het treft dat dit ook het symbool van de Heilige Geest is. Vorig weekend hebben we Pinksteren gevierd. Misschien hebt u bij Pinksteren en bij de Heilige Geest de associatie van ‘vaag’ en ‘zweverig’. Maar het is juist het werk van de Heilige Geest dat wij God heel dichtbij, concreet en persoonlijk kunnen ervaren. Paulus zegt in zijn brief aan de christelijke gemeente in Rome dat de Heilige Geest ons leert om God ‘Vader’ te noemen. ‘Abba’ betekent in de grondtaal eigenlijk ‘papa’.

Uw vrouw heeft al vroeg haar vader verloren. Was het misschien daarom dat het lied ‘Abba, Vader’ haar zo dierbaar was?

Paulus schrijft: ‘U hebt de Geest ontvangen om God te kunnen aanroepen met ‘Abba, Vader’. Blijkbaar gaat dat niet vanzelf; blijkbaar zijn daar allerlei belemmeringen toe. Hij heeft het dan over onze eigen wil, die hij zelfs een ‘zondige’ wil noemt. Daarmee wil hij zeggen dat wij van huis uit eigenlijk niets met God te maken willen hebben, dat we het contact met Hem verbroken hebben en Hem links willen laten liggen, beledigen, minachten, en ongehoorzaam willen zijn. Dàt ligt eerder in onze aard. En daarom is het niets minder dan een wonder als iemand God ‘Vader’ leert noemen.

Een andere belemmering kan worden gevormd door een verkeerd beeld van God. Bijvoorbeeld dat Hij alleen maar een strenge koning is, een wetgever, een heerser, of zelfs een tyran. Dat het voor Hem nooit genoeg is, dat je altijd in angst en kramp moet leven. Als je de Here God zo ziet, dan klinkt het bijna te mooi om waar te zijn als je God als jouw Vader mag aanspreken. Of misschien heb je wel een verkeerd beeld van God door wat je zelf aan vaderschap hebt meegemaakt.

Ook dan is het een wonder als je God ‘Vader’ leert noemen. De Bijbel zegt dat de Heilige Geest ons dat leert. Niet als een van buiten geleerd lesje, maar van binnenuit.

‘Vader’, dat is een respectvol woord, heel anders dan “hé makker!” Maar tegelijk is het wel een heel vertrouwd en innig woord. Als een kind ‘papa’ roept, dan wil zij hem iets laten zien, iets vertellen over wat ze heeft meegemaakt, iets vragen. Of ze roept hem om hulp, als ze gevallen is of vast zit. Dan hoef je alleen maar ‘papa!’ te roepen, dat is al genoeg.

‘Abba,’ ‘Vader,’ dat zijn eenvoudige woorden, in de taal van je hart. Daarom passen ze wel bij zuster Van Rijswijk. Ik heb haar leren kennen als een eenvoudige vrouw, die geloofde als een kind, maar tegelijk veel levenswijsheid had opgedaan.

Paulus schrijft: ‘U hebt de Geest ontvangen om Gods kinderen te zijn.’ Dat betekent dat we een nieuwe identiteit hebben gekregen. Zodat er niet meer allereerst gezegd moet worden: ‘zij was een kind van pa en ma Donker’, of ‘een kind van haar tijd’, maar ‘zij was er één van God.’

Een kind hoeft er niets voor te doen om een kind van haar vader of moeder te zijn. Het hoeft alleen maar geboren te worden. Als het erover gaat hoe je een kind van God wordt, spreekt de Bijbel dan ook over ‘opnieuw geboren worden,’ door het werk van de Heilige Geest.

De christenen in Rome, aan wie Paulus zijn brief schrijft, liepen het gevaar dat ze het beeld kregen dat ze van alles moesten gaan doen om Gods kinderen genoemd te mogen worden. Zo liepen ze het gevaar dat ze ‘slaven’ zouden worden; dat hun leven helemaal in het teken zou komen te staan van regels en gehoorzaamheid en gekenmerkt zou raken door onvrijheid en angst.

Maar het christelijke geloof leert dat wij niets kunnen doen waardoor de Here God méér van ons zou gaan houden en ook niets waardoor God mínder van ons gaat houden.

Het is dus het werk van de Heilige Geest als wij de Here God als ‘Vader’ leren aanspreken. Wat de Heilige Geest nog meer doet is dat Hij ons steeds meer op onze Vader laat lijken. Zodat de mensen zeggen “Dat is er één van God, en wat lijkt zij op haar Vader!” En ook dat is iets van binnenuit; geen zaak van de buitenkant alleen, van ‘doen alsof’ (hoewel er velen zijn die dat doen…) Maar met dat lied ‘Abba, Vader’ leer je dan zeggen ‘laat uw wil altijd mijn wil zijn’, dus dat je niets liever wilt dan doen wat je Vader fijn vindt.

Zuster Van Rijswijk heeft ervan getuigd dat zij veranderd is door haar geloof. In haar mochten we iets van het beeld van haar hemelse Vader zien oplichten: in haar gevende liefde, soms ten koste van zichzelf; in de trouwe zorg tot in de kleinste details (met een kaartje of een bloemetje); in haar bewogenheid met wat zwak en in de steek gelaten was, mens of dier. Op de kaart heeft u dan ook gezet: ‘Wij zijn dankbaar voor alle liefde die wij van haar mochten ontvangen.’

Romeinen 8 eindigt met een rijke belofte voor wie door de Heilige Geest God ‘Vader’ heeft leren noemen: dat we erfgenamen van God mogen zijn. Dan hoeven we nooit meer armoede te lijden (daarover weet u mee te praten…), maar dan mogen we delen in de volle rijkdom van een leven met God. Een leven in liefde, in vreugde, vrede en vrijheid.


Namens de Hervormde Gemeente Pernis:
Arjan Branger
pastoraal medewerker



Mamma werd op 16 april geboren in Rotterdam als Hubertha Donker. Zij overleed op donderdag 8 juni 2006 's nachts in het zuiderziekenhuis. Op dinsdag 13 juni werd zij gecremeerd.






Back to top of page

Mamma-vervolg

Naar gedicht 'Mijn liefste moeder'

Naar gedicht 'Mijn lieve mamma'

Terug naar Overzicht mamma

Pia's Poldergeest

Terug naar Home mamma